PETER VOS (1935)

Ton Smits-erepenning 1994

Peter Vos werd op 15 september 1935 geboren in Utrecht. Dieren – vooral vogels - intrigeren hem al van jongs af aan. Hij observeert ze overal. Hij is geïnteresseerd in hun uiterlijk (structuur), hun motoriek en vooral in hun vermogen te kunnen vliegen.

Vos ging in Utrecht naar de lagere school bij de fraters. Zijn grote tekentalent, waarin zijn ouders hem stimuleerden, bleek reeds in die vroege jaren. Vóór zijn twaalfde won hij al een tekenprijs. In 1947 verscheen zijn eerste publicatie in de jeugdrubriek van De Fontein . Vos doorliep het gymnasium en ging in 1953 naar de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam. Daar groeide zijn reeds bestaande voorliefde voor het tekenen van dieren (vogels !) nog verder uit.

Vos tekent in realistische stijl. Hij werkt in potlood-, inkt- en aquareltechniek. Hij is een virtuoos natuurtekenaar, maar voegt vaak wat fantasie en humor aan zijn tekeningen toe. Hij houdt ervan zijn dieren en vogels te versieren of ze in mensenkleren te steken of als half-mens en half-dier af te beelden. Hij is gefascineerd door gedaanteveranderingen. Maar of Vos zijn dieren en mensen nu volstrekt serieus en naturalistisch weergeeft of gebruikt als onderwerp voor een geestige cartoon, de natuurvorm ligt er altijd aan ten grondslag.

Vos werkte als illustrator voor het Amsterdamse studentenblad Propria Cures . Vanaf 1958 tekende hij ook voor Vrij Nederland en voor het Hollands Maandblad .

In de jaren ‘60 publiceerde Vos enkele eigen boeken, waaronder De 100 Reigers en Klein Pulcinellenboek voor Anneke . In 1970 gaf hij zijn Beestenkwartet uit, dat wordt bevolkt door mensdieren als de Snotaap, de Mafkikker en de Schijtlijster. In 1980 publiceerde hij Een studie in grijs en in 1991 Wat je ook niet vaak ziet .

Peter Vos is evenwel vooral bekend geworden als illustrator van andermans werk. Hij heeft voor ruim honderd boeken, voor volwassenen en kinderen, illustraties getekend. Zeer bekend werd het door hem geïllustreerde boek Sprookjes van de Lage Landen (1971).

In zijn vrije werk blijkt Vos' grote veelzijdigheid: zijn belangstelling voor de klassieken, voor de commedia dell'arte , voor vogels… In de jaren '60 en '70 was hij lid van het Utrechtse “Grafisch Gezelschap De Luis”. In de jaren '90 doet de natuurliefhebber Vos mee aan enkele projecten van de “Artists for Nature Foundation”.

Peter Vos ontving al meerdere prijzen. In 1972 kreeg hij de Zilveren Griffel voor zijn illustraties in De Pozzebokken (Bouke Jagt). Illustrator en auteur kregen deze prijs samen vanwege de “eenheid van tekst en beeld”. In 1981 werd Tekenen bekroond met de Jeanne Bieruma Oostingprijs. De Gouden Penseel werd Vos in 1991 toegekend voor zijn tekeningen in Lieve kinderen hoor mijn lied (Rudy Kousbroek). In 1994 werd Vos onderscheiden met de Ton Smits-erepenning voor zijn gehele oeuvre. In 1996 werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw.

Peter Vos exposeert sinds het einde van de jaren '50 regelmatig in binnen- en buitenland. In 1995 organiseerde museum De Beyerd in Breda een overzichtstentoonstelling van zijn werk. Bij die expositie verscheen het boek Peter Vos – tekenaar , waarin ruim 400 van zijn tekeningen zijn gereproduceerd.

Peter Vos woont en werkt in Utrecht.